Voor u ligt de Eerste Bestuursrapportage 2023 (hierna: Burap). De grondslag voor deze Burap vormen de financiële afwikkeling van de jaarrekening 2022, de ontwikkelingen rondom de vastgestelde werkprogramma’s voor 2023, de 1e begrotingswijziging 2023 en de exploitatieontwikkeling met peildatum 1 mei 2023. Deze rapportage vormt na de kaderbrief en de begroting het derde product uit de Planning & Control-cyclus van boekjaar 2023.
Inleiding en bestuurlijke samenvatting
Samenvatting
Terug naar navigatie - SamenvattingHet afgelopen half jaar van 2023 was wederom een drukke periode. De vraagstukken die tot het takenpakket van de OMWB behoren, zoals klimaat, stikstof, natuur, water en milieu (onder andere Zeer Zorgwekkende Stoffen, zoals PFAS) en energie (aardgas en andere energiebronnen), zijn maatschappelijk relevant en staan hoog op de politieke agenda. Dat bleek ook wel uit het besluit van Gedeputeerde Staten van de Provincie Noord-Brabant in maart om, naar aanleiding van de resultaten van de Natuurdoelanalyses, de vergunningverlening voor aanvragen met stikstofeffecten op Natura 2000-gebieden voorlopig stil te leggen.
De transities leiden ook tot nieuwe vragen en de behoefte aan kennisopbouw. Dat geldt bijvoorbeeld voor groene waterstof, en het daarbij benodigde vervoer van ammoniak, of de opslag van grote aantallen batterijen. Maar bij de brand bij een bedrijf in Etten-Leur (9 april 2023) bleek ook dat het verbranden van duizenden zonnepanelen tot nieuwe uitdagingen leidt, zeker in de nazorgfase van de crisis met het opruimen van een enorme hoeveelheid glassplinters in een groot verspreid gebied.
De OMWB zette dit eerste halfjaar programma’s om te professionaliseren voort. We maakten vorderingen met ‘Van goed naar beter’, het cultuur- en leiderschapstraject en het opzetten van een kwaliteitsmanagementsysteem. Dit naast de voortgaande voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024.
Ook het landelijke Interbestuurlijk Programma (IBP), dat invulling moet geven aan de aanbevelingen van de Commissie Van Aartsen en het rapport van de Algemene Rekenkamer, wordt steeds belangrijker. De OMWB ziet dit programma als een steun in de rug bij zijn professionalisering. We volgen de zes pijlers nauwgezet, en participeren ook in twee daarvan (3 Informatievoorziening en 6 Monitoring kwaliteit milieutoezicht).
De krappe arbeidsmarkt dwingt om meer te investeren in personeel, meer stage- en traineeplekken aan te bieden, en medewerkers zelf op te leiden.
De behandeling van de opgedragen werkprogramma’s van onze opdrachtgevers ligt door bovengenoemde omstandigheden iets achter op schema. Uiteraard zullen we indien dat nodig is in overleg met onze opdrachtgevers, tijdig bijsturen.
Met de flink toegenomen inflatie in 2022, en de daarmee fors veranderde cao, is in het voorjaar een 1e begrotingswijziging aan het DB aangeboden om de gestegen kosten door te berekenen. Met het voorstel wordt ook getracht om reëler te begroten. De besluitvorming over dit voorstel volgt echter pas in het Algemeen Bestuur van september 2023.
De OMWB ligt op koers, maar alertheid en wendbaarheid zijn geboden.
Ontwikkelingen
Terug naar navigatie - OntwikkelingenIn de 1e begrotingswijziging 2023 is een aantal ontwikkelingen beschreven dat een behoorlijke impact op de eerder vastgestelde begroting van 2023 heeft. Hieronder volgt een update van de belangrijkste bijbehorende ontwikkelingen.
Declarabiliteit
In de oorspronkelijke begroting wordt gerekend met een declarabiliteitsnorm van 1.310 uur per fte. In de 1e begrotingswijziging wordt een norm van 1.300 gehanteerd. Belangrijkste redenen hiervoor zijn het principeakkoord cao SGO 2023 (dat leidt tot extra vrije dagen) en het hogere ziekteverzuim. In de hernieuwde begroting is een streefpercentage van 5,5% verzuim het uitgangspunt, waar de norm in de oorspronkelijke begroting 4,5% bedraagt.
Het voortschrijdende verzuimpercentage per eind mei 2023 bedraagt 6,0%. Dit is hoger dan het streefpercentage van 5,5%. We monitoren het ziekteverzuim nauwlettend waarbij we de inzet van het beleid en de bijbehorende instrumenten intensiveren.
Als gevolg van vele nieuwe indiensttredingen en het werken met trainees, vallen de uren besteed aan het inwerken van deze nieuwe medewerkers over de eerste vier maanden hoger uit dan waar rekening mee is gehouden. Als gevolg van met name bovenstaande oorzaken staat de declarabiliteit over de eerste maanden van 2023 reeds onder druk.
Daarnaast verwachten we dat de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de implementatie van ‘Rx.Mission’ een grote impact hebben op de declarabiliteit over de tweede helft van 2023. Door middel van scherpe sturing wordt voor zover mogelijk de impact geminimaliseerd.
Prijsstijgingen en inflatie
De inflatie en de daarmee samenhangende compenserende maatregelen zoals een forse verhoging van de cao-lonen, leiden tot een fikse verhoging van de personeelslasten. Inmiddels is een principeakkoord cao SGO bereikt voor 2023 en in de 1e begrotingswijziging is dit akkoord financieel verwerkt.
Ook geldt een algemene stijging van prijzen van goederen en diensten. In de 1e begrotingswijziging is in het voorstel voor tariefsaanpassing hiermee rekening gehouden. Toekomstige ontwikkelingen blijven echter lastig in te schatten. Indien er aanleiding toe is, wordt dit bij de 2e begrotingswijziging 2023 verwerkt.
Onttrekking reserves
Terug naar navigatie - Onttrekking reservesEr vond geen overheveling van budgetten vanuit de jaarrekening 2022 naar het boekjaar 2023 plaats. Zie tevens hoofdstuk 'Financiële ontwikkelingen', paragraaf 'Toelichting op de Reserves'.
Financiƫle ontwikkeling
Terug naar navigatie - FinanciĆ«le ontwikkelingDe bij paragraaf 'Ontwikkelingen' genoemde ontwikkelingen leidden ertoe dat op basis van de oorspronkelijke begroting een negatief resultaat wordt verwacht in de bandbreedte van € -1,8 miljoen en € -0,5 miljoen (€ 1,3 miljoen). Deze prognose is mede gebaseerd op de realisatiecijfers tot en met april 2023. Indien de tariefsaanpassing wordt gehanteerd zoals deze is voorgesteld in de 1e begrotingswijziging 2023, dan wordt voor 2023 een resultaat verwacht in de bandbreedte van € 0 neutraal en € 1,3 miljoen positief (€ 1,3 miljoen).
In bovenstaande prognoses is rekening gehouden met een aantal risico’s en onzekerheden. De overgang naar ‘Rx.Mission’ en het zaakgericht werken, en de voorbereidingen op de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024, hebben allen een dempend effect op de declarabiliteit in de tweede helft van 2023. Hoe groot dit effect daadwerkelijk zal zijn, is momenteel lastig in te schatten.
Zo is voor de transitie naar ‘Rx.Mission’ budgettair rekening gehouden met twee verliesdagen. Door de leverancier is enige tijd geleden aangeven dat het aantal verliesdagen mogelijk kan oplopen tot vijf. Samen met betreffende leverancier zijn we bezig om maatregelen te nemen om het aantal mogelijke verliesdagen terug te dringen. Wat de exacte uitkomst hiervan gaat worden, is op dit moment moeilijk in te schatten. De impact van extra verliesdagen varieert uitgedrukt in geld ongeveer tussen de € 300.000 en € 600.000.
Daarnaast bestaat er onzekerheid met betrekking tot de besteding van uren voor het inwerken van nieuwe medewerkers. Als gevolg van de vele nieuwe indiensttredingen in de eerste helft van dit jaar, zijn de begrote uren voor geheel 2023 voor een groot deel reeds besteed. Rekening houdend met verwachte indiensttredingen in de tweede helft van het jaar, wordt per jaareinde een overschrijding van maximaal 4.000 uur verwacht. De daadwerkelijke besteding van uren is afhankelijk van het werkelijk aantal indiensttredingen en de mate waarin inwerken nodig is en is dus lastig precies te bepalen. De ingeschatte te verwachten extra kosten variëren tussen de € 300.000 en € 400.000.
Tenslotte is het uiteindelijke jaarresultaat onderhavig aan de daadwerkelijke besteding van diverse kostenbudgetten. Een omvangrijk budget waarbij dit speelt, is het budget voor mobiliteit en loopbaanbegeleiding. In de aangepaste begroting is hiervoor een bedrag van € 300.000 opgenomen. Op dit moment is er van mobiliteitstrajecten vooralsnog geen sprake. Afhankelijk van ontwikkelingen hieromtrent in de resterende periode van 2023 wordt op dit budget een voordeel verwacht tussen de € 0 en € 300.000. Een verdere toelichting op de diverse kostenbudgetten wordt gegeven in hoofdstuk 'Financiële ontwikkelingen’.