Algemeen

Voorwoord

Terug naar navigatie - Voorwoord

Voor u ligt de begroting 2025 inclusief meerjarenraming 2026–2028 van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (hierna OMWB). De begroting hangt samen met de tegelijkertijd aangeboden begrotingswijziging 2024. Zoals besproken in het Dagelijks Bestuur willen we zo realistisch mogelijk begroten, investeren in professionaliteit en tegelijkertijd kritisch op de kosten blijven (door bijvoorbeeld de inhuur-, en advieskosten en ict-budgetten te beperken).

In de Kaderbrief 2025 van januari jongstleden zijn de onderwerpen die de komende jaren op ons afkomen op een rij gezet. Het nieuwe Gemeenschappelijke Uitvoeringskader (GUK) en de daarin beschreven methodiek is leidend bij onze aanpak. De context waarin de OMWB haar werk moet doen, blijft behoorlijk turbulent. Dat geldt voor min of meer bekende inhoudelijke ontwikkelingen (zoals stikstof, agrarisch, PFAS en energie). Maar ook voor ‘nieuwe’ onderwerpen als gezondheid, kaderrichtlijn water en indirecte lozingen. En daarbovenop kan de verdere professionalisering niet zonder investeringen in een goede huisvesting en data infrastructuur. Ook de gespannen arbeidsmarkt blijft een factor die invloed heeft op het tempo van de doorontwikkeling.

Span of support
De huidige teams bij de afdeling uitvoering zijn groot. Iedere hiërarchisch leidinggevende geeft op dit moment leiding aan 40 tot 60 medewerkers. Gezien de ontwikkeling en de toegenomen complexiteit van de organisatie en de (te) grote teams willen we investeren in het verkleinen van de span of support.

Ontwikkel- en innovatie agenda  
In 2025 zullen we aan de slag gaan met de resultaten van het Interbestuurlijk Programma VTH (IBP). Te denken valt aan de financieringsmethodiek en aanpassingen in onze informatiehuishouding. Zoals beschreven in het Plan van Aanpak van de robuustheidscriteria wordt er een actieagenda gemaakt voor de doorontwikkeling en innovatie van de dienst. Hierin moeten niet alleen de investeringen zichtbaar worden, maar ook de verbeterslagen voor ons archief en de acties vanuit de Visitatie ’23.

In 2023 zijn we gestart met het opzetten van een kwaliteitsmanagementsysteem. Deze wordt in de komende jaren verder geïmplementeerd en uitgerold. Daarmee kan de interne sturing op de prestaties van de dienst beter gestalte krijgen. En wordt ook zichtbaar op welke punten de organisatie nog verbeteringen behoeft.

Data gedreven werken
Hoe beter het ons lukt om data te vertalen naar waardevolle informatie en inzichten, hoe beter we kunnen bijdragen aan een schone, veilige en duurzame leefomgeving. Het opbouwen van deze data per thema en per branche is een absolute randvoorwaarde om volwaardig informatie- en data-gestuurd te kunnen werken. In 2025 hopen we ook een start te kunnen maken met het implementeren van de Altijd Digitale Vergunning (AADV). Met ingang van de omgevingswet wordt elke milieu belastende activiteit aan een specifieke locatie gekoppeld. Daarom is het belangrijk dat we investeren in een applicatie die de geografische informatie toevoegt (GIS/GEO). 

Huisvesting
Een investering in de huisvesting aan de Spoorlaan in Tilburg is na 12 jaar onontkoombaar. Enerzijds om aantrekkelijk te blijven als werkgever en anderzijds de werkomgeving te laten voldoen aan de eisen van de huidige tijd (op gebied van duurzaamheid, de nieuwe manier werken, hybride werken etc).  

Met deze begroting trachten we enerzijds de noodzakelijke investeringen te doen richting een robuuste en professionele omgevingsdienst en anderzijds de tariefstijging voor de deelnemers te matigen. Er staat ons in 2025 in ieder geval wederom een uitdagend jaar te wachten!



Alfred Arbouw
Directeur OMWB

Financiële kaders begroting 2025

Terug naar navigatie - Financiƫle kaders

In deze paragraaf worden de voornaamste kaders benoemd waarop de begroting 2025 is gebaseerd. Hiermee reiken we u op gebundelde en compacte wijze een overzicht van belangrijkste uitgangspunten aan.  Als eerste wordt ingegaan op het werkaanbod en vervolgens wordt de declarabiliteitsnorm toegelicht. Met het werkaanbod en de declarabiliteitsnorm kan de benodigde personele capaciteit worden berekend. Tenslotte wordt het gemiddelde, voorcalculatorische tarief 2025 besproken. Vanaf het hoofdstuk 'Financiële begroting' worden de verschillende onderdelen verder uitgewerkt en toegelicht.    

Werkaanbod
De basis voor het werkaanbod 2025 wordt gevormd door:

  • de met de deelnemers afgestemde werkprogramma’s 2024;
  • de MWB norm 2025;
  • de formatieve uitbreiding van 8,54 fte, zoals opgenomen in paragraaf 4.6 ‘Financiële impact 2025 en later’ in de Kaderbrief 2025  (pagina 25 en 26);
  • de bijdragen voor bodemtaken (Wbb), de projecten ‘Van inrichting naar MBA’ en ‘Energie – persoonsgebonden mobiliteit’ en 
  • de Specifieke uitkeringen Omgevingsdiensten.

In totaliteit bedraagt het werkaanbod maximaal  381.000 declarabele uren. In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van het geraamde aantal uren (afgerond op duizendtallen) per onderdeel van de baten. 

  Totaal in euro's x € 1.000 Omgerekend naar uren
Inbreng P1 (of hogere MWB norm)  26.313 223.000
Overdracht bodemtaken P1  790 6.000
Energie - Persoonsgebonden mobiliteit  330 3.000
Formatieve uitbreiding Kaderbrief 2025 - deel van P1  846 7.000
Subtotaal Programmadeel 1 28.278 239.000
Inbreng P2  13.194 112.000
Omzetten van inrichting naar MBA  251 2.000
Overdracht bodemtaken P2  109 1.000
Formatieve uitbreiding Kaderbrief 2025 - deel van P2  458 4.000
Subtotaal Programmadeel 2 14.013 119.000
Inbreng Programmadeel 3 (excl. SSIB) 1.988 17.000
Specifieke uitkeringen Omgevingsdiensten 672 6.000
Totaal baten (excl. Programmadeel 4) 44.952 381.000

In het najaar 2024 worden de werkprogramma’s 2025 samen met de deelnemers opgesteld. Hierin worden definitieve afspraken omtrent het werkaanbod gemaakt. 

Declarabiliteitsnorm
Voor de bepaling van de benodigde personele capaciteit om het werkaanbod van 381.000 uur uit te kunnen voeren, gebruikt de OMWB een declarabiliteitsnorm per fte. De declarabiliteitsnorm wordt berekend door het aantal beschikbare uren per fte per jaar te verminderen met verlof en feestdagen, ziekteverzuim en niet-declarabele uren.  Voor 2025 geldt een norm van 1.295 declarabele uren per fte. 

Bruto-netto-berekening Totaal uren
Beschikbare uren 1.872
Verlof en feestdagen 279
Verzuim 94
Niet-declarabele uren (o.a. overleg, opleiding, kwaliteitsmanagement, uren key users, OR/BHV) 204
Totaal declarabele uren 1.295

Benodigde personele capaciteit
Vanuit het werkaanbod (381.000 uur) wordt, rekening houdend met de declarabiliteitsnorm (1.295 uur per fte),  de benodigde personele capaciteit bepaald. Het werkaanbod wordt gerealiseerd met inzet van eigen medewerkers en inhuurkrachten. In de begroting 2025 is rekening gehouden met een personele capaciteit van 342 fte eigen medewerkers, waarvan 274 fte in het primaire proces. Rekening houdend met een declarabiliteit van 1.295 uur per fte is ca. 353.000 uur beschikbaar aan declarabele uren. Het werkaanbod ligt 28.000 uur hoger dan met de eigen medewerkers in het primair proces kan worden bewerkstelligd. Het verschil wordt gerealiseerd met inzet van externe inhuur; dit betreft circa 22 fte.  

In de loop van de jaren is de benodigde personele capaciteit fors toegenomen. In onderstaande tabel is een vergelijking van de capaciteit in fte weergegeven zoals opgenomen in de jaarrekening 2023, de 2e begrotingswijziging 2024 en deze begroting 2025. 

Primair proces Jaarrekening 2023 2e begrotingswijziging 2024 Begroting 2025
Eigen medewerkers 241 268 274
Externe inhuur 31 23 22
Totaal 272 291 296

Tarief
De OMWB hanteert in de begroting een gemiddeld, voorcalculatorisch uurtarief voor de geraamde bijdragen van deelnemers. De facturatie (afrekening ten opzichte van de bevoorschotting) vindt plaats tegen de gedifferentieerde nacalculatorische tarieven, gebaseerd op de functionele inschaling van de uitgevoerde werkzaamheden.

Het voorcalculatorische gemiddelde tarief voor 2025 is met 8,4% gestegen ten opzichte van het tarief voor 2024. Uitgangspunt voor de tariefbepaling 2025 is het tarief van € 108,75, zoals vastgesteld in de begroting 2024. Op dit tarief is een correctie doorgevoerd voor het streefpercentage voor ziekteverzuim. Daarna is het tarief aangepast met de indexaties voor 2025 volgens de september-circulaire 2023 d.d. 19 september 2023 (loon- en prijspeil). Ook de tarief verhogende maatregelen, zoals beschreven in paragraaf 4.6 ‘Financiële impact 2025 en later’ in de Kaderbrief 2025, zijn verwerkt. Tenslotte is het tarief gecorrigeerd voor de extra verlofrechten uit de cao SGO 2024-2025 die abusievelijk niet zijn meegenomen in de berekening van het tarief, zoals opgenomen in de Kaderbrief 2025. Het gemiddelde, voorcalculatorische, tarief voor 2025 bedraagt afgerond € 117,90 (gemiddeld tarief van de begroting 2024 bedraagt € 108,75).  

Omschrijving Effect op tarief  Bedrag per uur
Tarief 2024   € 108,75
Aanpassing ziekteverzuim van 5,5% naar 5,0% -0,56% - € 0,61
Subtotaal   € 108,14
Indexatie 2025 4,96% € 5,36
Impact voorstellen kaderbrief 2025*  3,12% € 3,37
Correctie extra verlof 0,94% € 1,02
Tarief 2025 8,4% € 117,90

* Dit betreft de impact van de maatregelen vanuit bedrijfsvoering met een tarief verhogend effect ad. € 1.145.000, zoals uitgewerkt in paragraaf 4.6 ‘Financiële impact 2025 en later’ in de Kaderbrief 2025. 

Als gevolg van bovengenoemde ontwikkelingen waaronder de inbreng van nieuwe (wettelijke) taken en de investeringen in bedrijfsvoering zullen de bijdragen van de deelnemers verhoogd worden. In de tabel in bijlage 1 is een specificatie van de deelnemersbijdragen opgenomen.